Auteur: astro_piet

Optiek: Takahashi Mewlon 210mm f/12 Dall-Kirkham Cassegrain, Takahashi TSA-102 refractor, TeleVue 76mm f/6.3 TV-76 + 0.8x field flattener f/5 + Coronado Solarscope SF70/BF20 H-alfa filter. Monteringen: Zeiss Ib met FS2-besturing, Vixen Super Polaris, iOptron Skytracker Pro + Manfrotto 144b statief Camera's: Canon EOS 350D (Baader gemodificeerd) The Imaging Source DMK 21AU04.AS en DMK 41AU02.AS monochrome, ZWO ASI290MM.

Geen zon zonder schaduw

[1]

Niet in het holst van de nacht, kleumend in de duisternis, bijkans vastgevroren aan je met ijs bedekte instrument, maar overdag, bij een aangename temperatuur, met koffie of verfrissingen onder handbereik. En het kost je geen seconde nachtrust! Kortom: het waarnemen en fotograferen van de zon is een comfortabele bezigheid. Op de zon is ongelooflijk veel te zien, mits het veilig en met de juiste filters voor je optiek gebeurt. Naast waarnemen in wit licht kun je de zon ook schieten in H-alfa (656nm) of in de Calcium-K lijn (393.4nm), wat in beide gevallen spectaculaire plaatjes oplevert. Maar er is een keerzijde.

Mijn Lunt CaK module/BF12.
Mijn Lunt CaK module/BF12 uit 2010

In maart 2010 kocht ik bij APM/Markus Ludes in Duitsland voor 1120 euro een Lunt CaK module/BF12. Nu kon ik naast H-alfa-beelden[2] ook de blauwpaarse calciumbeelden van de zon schieten. Deze CaK-module wilde ik achter mijn TeleVue 76 lenzenkijker gaan inzetten.

De CaK module gemonteerd achter de TeleVue 76

We zijn inmiddels 14 jaar verder. De CaK-module heeft al die tijd voortreffelijk gefunctioneerd en mooie plaatjes opgeleverd, hoewel de seeing op deze korte golflengte niet vaak een scherp calciumbeeld toeliet. Maar dat laatste kun je de module niet verwijten.

De zon in de Calcium K-lijn, foto auteur met de Lunt CaK module achter de TeleVue 76

Onlangs was ik op een (zoveelste) bewolkte dag bezig wat astro-spullen bijeen te zoeken in de hoop dat er met de lente in aantocht weer eens helderder tijden aan zouden breken. Ook de Lunt calciummodule kwam uit zijn doos tevoorschijn.

Roest

Daar wachtte mij een nare verrassing. Het naar het objectief toegekeerde filterelement vertoonde een voor Lunt-producten maar al te bekend verschijnsel: roestvorming. Een roodbruine aanslag langs de rand van het filter, dat zich langzaam maar onstuitbaar naar binnen toe uitbreidt, tot het filter volkomen ondoorzichtig wordt.

Die roodachtige rand langs het glimmende filter is het begin van het einde: roest!

Kunstgebit

Op diverse astrofora las ik al dat dit roest-euvel wel vaker voorkomt, om niet te zeggen altijd. De vraag is alleen wanneer; bij sommige exemplaren al binnen een jaar of twee. Dan had mijn exemplaar het nog heel lang volgehouden. Keerzijde is dat de twee jaar garantie die Lunt gaf al 7 keer verstreken was.

De vraag was dus, of het instrument het nog waard was te laten repareren. Het aangetaste filterelementje bleek niet los leverbaar. Enkel de Lunt-vertegenwoordiger in deze streken, de firma Bresser in Rhede (D), bood een reparatie aan, die dan wel even 275 euro zou gaan kosten.

Ik zag op de site van diezelfde Bresser dat deze Lunt CaK-module nog steeds leverbaar is: voor de lieve somma van 2399 euro… Als ik een kunstgebit had, was het ter plaatse uit mijn mond gevallen. De prijs van dit ding is in 14 jaar meer dan verdubbeld: een prijsverhoging van 1380 euro ofwel 114%. Dus die reparatie is z’n centen wel waard.

Ersatz

Inmiddels ligt mijn Lunt module in Rhede: “CaK-Filter Element ist degeneriert und muss ersetzt werden”, liet men mij weten. Ja dat dank je de koekoek. Ondertussen vroeg ik mij af wat ik kon doen om te voorkomen dat het euvel weer optreedt, of om het in ieder geval zo lang mogelijk uit te zingen. Lunt zelf zwijgt in alle talen over hun roestende filters; ja, ze zouden hun klanten eens wijzer maken…

Maar uit de hierboven al genoemde astrofora blijkt dat het bewuste filterelement kwetsbaar is voor grote temperatuurverschillen in combinatie met luchtvochtigheid. Haarscheurtjes aan de rand van het glas laten vocht doordringen die een metaalcoating oxideren. Temperatuurverschillen vallen echter niet te vermijden als het ding aan zonlicht wordt blootgesteld, maar hoge luchtvochtigheid wel. Ik heb een luchtdicht en passend koffertje van het merk B&W uitgekozen. Daarin zal naast de module plaats zijn voor een met silicakorrels gevuld filmdoosje met gaatjes in het dekseltje. Daarmee blijft de module altijd maximaal droog. Zo heb ik dat bij mijn H-alfafilter ook opgelost.

Nu is het afwachten geblazen tot het bericht komt dat mijn Calcium-module klaar is. En dan maar hopen dat de wolken eindelijk eens een stukje opzij willen schuiven en de zon zijn momentje gunnen. Je zou bijna vergeten dat we nog een zon hebben! Wordt vervolgd.


[1] Lees ook Geen zon zonder zorgen zorgen deel I en II.

[2] Voor H-alfa gebruik ik een Solarscope SF-70 in combinatie met een TeleVue TV76 apo refractor.

Venus, een planeet om U tegen te zeggen

Do’s en don’ts van het schieten van Venus in UV

Venus, onze zusterplaneet, werd tot voor kort door de meeste amateurastronomen smalend terzijde geschoven als ‘saai object’. Dankzij UV-doorlaatfilters op de amateurmarkt zijn die tijden veranderd. Maar om teleurstellingen te voorkomen, loont het de moeite om je eerst even te verdiepen in wat je nog meer nodig hebt.

Venus tijdens de avondverschijning in 2023, foto’s auteur.
Venus tijdens de avondverschijning in 2023, foto’s auteur. Naarmate de sikkel van Venus smaller wordt, moet het licht een langere weg door de venusatmosfeer afleggen en wordt het contrast zwakker. UV-opnamen; optiek: Takahashi Mewlon 210, 2x barlow, Astrodon UV filter, DMK 21AU614.AS CCD camera. Doorgaans de beste 60% van ca. 2000 frames. Firecapture -Autostakkert! – Registax – Photoshop. (Klik op de afbeelding voor originele grootte).

Venus, de helderste planeet aan onze hemel, is in de telescoop altijd maar weinig interessant geweest. Dit in tegenstelling tot Jupiter en Saturnus met hun wolkengordels, manen en ringen. Onze zusterplaneet is smetteloos en bijna verblindend wit en laat in de amateurtelescoop enkel haar schijngestalten zien. Dit alles met dank aan de potdichte 100 km dikke dampkring van koolzuurgas en zwavelzuur. Saai toch?

Nou nee. Immers, een paar jaar geleden zijn door verschillende fabrikanten ultravioletfilters op de amateurmarkt gebracht die op efficiënte wijze het UV-licht rond 350nm doorlaten en het zichtbare en infrarode licht blokkeren. Door zo’n filter zie je dus helemaal niets, en dat is ook de bedoeling! Uiteraard is ons oog niet gevoelig voor ultraviolet. Maar denk nu niet dat het vastleggen van UV daarom is voorbehouden aan professionele sterrenwachten of ruimtesondes. Een zes- tot achtduims spiegeltelescoop voldoet al, gecombineerd met een UV-filter, bijv. van de telescopenfirma’s Astrodon of Baader, en een planetencamera, waarvan de meeste nog redelijk gevoelig zijn in het nabije ultraviolet.

Een nieuwe kijk

In UV biedt onze zusterplaneet een heel andere aanblik. Bepaalde wolkenlagen rond de planeet blijken namelijk UV-licht te absorberen. In UV vertoont Venus dynamische wervelende wolkenpatronen die aan Jupiter doen denken en dagelijks veranderen. Weliswaar draait Venus heel traag om haar as (een dag op Venus duurt langer dan een Venusjaar) maar de dampkring – in ieder geval de bovenste lagen – draaien in moordtempo om de planeet: in gemiddeld 4 dagen. Een kleine rekensom leert dat die wolken zich met ca. 400 km/u voortbewegen: dat zijn nog eens stormen!

Overigens: over de oorzaken van zowel de snelle rotatie van de Venusdampkring als van de UV-absorptie is men nog volop in discussie.

Terug naar de filters. Baader – één van de filterfabrikanten – doet het voorkomen alsof hun UV-filter samen met een 15 tot 20 cm-telescoop met een planetencamera voldoende is om de schoonheid van onze zusterplaneet vast te leggen. Maar dat is misschien iets te simpel gesteld. Voor degenen die serieus werk willen maken van Venus, zet ik in dit artikel de benodigdheden op een rij die essentieel zijn om een blauwtje bij onze kosmische buurvrouw te voorkomen.

Telescoop

Veel planeetwaarnemers en -fotografen maken gebruik van apo’s (liefst niet te klein), maar vaker nog catadioptische systemen zoals Maksutovs of Schmidt-Cassegrains (SC’s). Vooral de Celestrons 11 en 14 zijn populair en niet zonder reden, gezien de magnifieke resultaten die hiermee worden bereikt op maan en planeten. Maar deze instrumenten zijn totaal niet ontworpen voor UV-fotografie.

Telescoop
Venus imagingsessie in bedrijf met een Takahashi Mewlon 210. (foto auteur)

Apo

UV heeft namelijk de onhebbelijke eigenschap dat het zich door glas laat tegenhouden, zeker als het veel glas is, zoals in een apochromaat. Glas absorbeert op zich al veel UV, maar het ergste is de coating. Moderne coatings op lenzen voorkomen iedere vorm van reflectie en laten de kostbare fotonen ongehinderd door, wat we immers graag willen. Maar diezelfde coatings blokkeren vrijwel alle UV. Dus, aangezien alle astronomische lenzen gecoat zijn, is de vuistregel dat bij UV-fotografie elke lens in de lichtweg moet worden vermeden.

SC

Ook de SC heeft een probleem: dit is weliswaar een reflector, maar deze heeft een correctieplaat die natuurlijk ook is gecoat. Hetzelfde geldt voor Maksutovs. De kostbare lichtwinst door de enorme opening wordt bij UV terstond tenietgedaan door de coating.

Wat dan wel?

Essentieel is een telescoop die geen lenzen bevat. Allereerst Newtons, maar ook bijv. Cassegrains van het Dall-Kirkham-type. Newtons worden doorgaans weinig voor planeten gebruikt, maar dat kan wel degelijk. Een uitstekende spiegel en dito collimatie zijn essentieel, liefst met een niet te kleine openingsverhouding. Korte newtons presteren vanwege kleine toleranties in de spiegelnauwkeurigheid vaak minder bij sterke vergrotingen. Een lange newton is echter lastig handelbaar. Dall-Kirkhams hebben als voordeel dat ze kort en daarmee hanteerbaar zijn, qua maten vergelijkbaar met SC’s. Voorbeeld is de Takahashi Mewlon, die wordt uitgevoerd in 18, 21 en 25 cm diameter. Bij deze telescopen ben je er zeker van dat alle UV-licht ongehinderd doorkomt. Bovendien zijn dit soort telescopen ook uitstekend toegerust voor ‘normale’ maan- en planeetfotografie.

Barlows en zo

Fotografie in het primaire brandpunt is voor hoge resolutie-planeetfotografie vaak onvoldoende om de gewenste vergroting te behalen. Barlowlenzen of aanverwante systemen zoals de PowerMate van TeleVue zijn ideale hulpmiddelen om de planeet voldoende groot op te blazen.

Maar voor UV-fotografie van Venus gaat die vlieger niet op. Immers, met een barlow introduceer je opnieuw dat verfoeide gecoate glas in de lichtweg. Blijf dus weg van barlows of oculairprojectie. Maar hoe dan wel?

Er is een oplossing, maar die wordt tot dusver niet aangeboden door de telescoopdealers. Er bestaat namelijk glas dat perfect transparant is voor UV: fused silica, ofwel synthetisch amorf kwarts. Optiekfabrikanten als Edmund Optics, die optica leveren voor industriële toepassingen, maken ook lensjes van fused silica voor UV-toepassingen. Nota bene met speciale UV-coating! Het volstaat om bij een dergelijke firma een dubbel-concaaf UV-lensje aan te schaffen van 25mm diameter, een brandpunt van -100mm. Dat is vergelijkbaar met een gewone barlow en levert 2x vergroting op.

Dan moet dit lensje nog wel worden ingebouwd. Het beste is om hiervoor een oude barlowlens van het originele lensje te ontdoen en te vervangen door het UV-lensje. Wie geen ongebruikte barlow heeft liggen kan eens rondkijken op de tweedehandsmarkt of een goedkoop (Chinees) barlowtje aanschaffen.

UV-barlowlens en -filter
Links het UV-lensje gevat in een oude barlow. Rechts het 1¼” UV-filter van Astrodon. (foto auteur)

Nou hoor ik jullie al roepen: maar dat is een enkelvoudig lensje, terwijl een goede barlow een achromaat of zelfs een apochromaat is! Maar in de UV-praktijk is een enkelvoudig lensje geen enkel bezwaar. Omdat een barlowlens dicht op de camera zit, levert deze sowieso slechts een marginale bijdrage in de voorkoming van kleurfouten.

Daarbij is de UV-band waarin we werken maar smal. Aan het korte eind stelt de UV-gevoeligheid van de camera de grens, aan het lange eind het UV-filter. Veel ruimte voor ‘kleurfouten’ is er dus niet.

Zelfs bij het visueel waarnemen van Venus met gebruik van dit UV-barlow heb ik, nota bene bij de felle planeet Venus, geen spoortje van kleurfout kunnen zien.

Seeing

Nu we ons hebben voorzien van de juiste optische hulpmiddelen, komt het laatste essentiële ingrediënt aan de orde: de seeing. Daarover heb ik goed en slecht nieuws.

Laten we met het slechte nieuws beginnen: hoe korter de golflengte hoe meer het licht kwetsbaar is voor atmosferische turbulentie. Niet voor niets schieten veel planeetfotografen in Infrarood. Met UV als zeer kortgolvig licht is dat niet iets om blij van te worden. Zelf heb ik de ervaring dat dat in de praktijk best meevalt. Bij seeing is het vooral belangrijk een goede waarneemplek en het goede moment te kiezen. Eerst het moment: bij de avondverschijning van Venus is dat bij voorkeur de late namiddag, als de zon gezakt maar nog niet onder is. De heftige turbulentie als gevolg van de zonnestraling op het aardoppervlak is dan afgenomen en de atmosfeer komt tot rust. De nachtelijke uitstraling – ook een beruchte seeingverstoorder – is nog niet op gang gekomen en Venus staat doorgaans nog hoog genoeg. Dit ‘gouden uur’ is optimaal voor UV-Venusfotografie.

Wachten op de schemering heeft geen nut. Naarmate Venus lager zakt wordt het UV-beeld snel zwakker. Bij UV neemt de lichtsterkte door verstrooiing veel sneller af dan bij zichtbaar licht.

Dan de waarneemplek: in de schaduw! Wat je beslist moet vermijden is direct zonlicht op de telescoop. Niet alleen kan dit storende reflecties veroorzaken, maar de telescoop wordt door de zon ook eenzijdig opgewarmd, met alle desastreuze gevolgen van dien voor het beeld. Venus opzoeken met GoTo met behulp van de zon kan (Voorzichtig! Zie checklist hieronder), maar wacht met fotografie tot de zon achter bijvoorbeeld een gebouw is verdwenen terwijl Venus nog zichtbaar is.

Bij fotografie tijdens ochtendverschijningen – voor de matineuzen onder ons – geldt het omgekeerde. Richt de telescoop zodra Venus verschijnt, maar wacht met fotograferen tot de planeet zo hoog mogelijk staat. Ook hier moet men uiteraard de schaduw van een gebouw opzoeken.

En dan het goede nieuws. UV is kortgolvig licht en kan – mits de kwaliteit van de optiek het toelaat – een zeer hoge beeldscherpte opleveren, scherper dan bij zichtbaar licht. Diffractieringen zijn zo goed als afwezig. Dat heeft vooral een voordeel bij relatief kleine spiegeltelescopen, die vanwege de centrale obstructie van de vangspiegel op afbeeldingen hinderlijke ringverschijnselen tonen bij scherpe randen, bijvoorbeeld bij Venus en op de maan. Hoe langer de golflengte, hoe hinderlijker. Ik zie bijvoorbeeld veel infraroodopnamen van Venus voorbijkomen met lelijke ringen langs de heldere planeetrand. Bij UV is dat effect te verwaarlozen.

Scherpstellen

Bij UV is de scherptediepte extreem klein. Alles staat of valt bij exact focus, wat vaak pas zichtbaar wordt na stack en bewerking van het geschoten filmpje. Het is dus zaak zeer nauwkeurig scherp te stellen, wat niet meevalt bij een turbulent planeetschijfje op het beeldscherm. Motofocus is daarbij enorm behulpzaam.

Venus overdag

Wie het bovenstaande heeft gelezen zal zich realiseren dat men Venus overdag moet opzoeken. Dat gaat niet zonder hulpmiddelen waarbij een ‘GoTo’ montering eigenlijk onmisbaar is. Daarbij komt de absolute noodzaak dat ieder risico de zon in beeld te krijgen koste wat het kost vermeden moet worden. Volg deze checklist om Venus veilig in beeld te krijgen.

Clear skies!

Derde lustrum in stijl

VROOMSHOOP (5 augustus 2023) – Wie weet het nog? Op 11 juli 2008 werd onze club te Hengelo opgericht. Dat betekent dat de Red Light Group inmiddels 15 jaar en één maand oud is. Tijd om weer eens een lustrum te vieren met een BBQ waarbij ook onze wederhelften waren uitgenodigd.

Het weer was geheel in stijl: net als 15 jaar terug kwam de regen met bakken uit de lucht. Gelukkig bood de veranda van Paul te Vroomshoop volop plaats voor gastronomisch vertier en een videoscherm. Voor telescopische genoegens liet het weer geen enkele ruimte toe.

Daar was door de organisatie op gerekend! De genodigden werden getrakteerd op een magnifiek door Paul C. gemaakt filmisch overzicht van 15 jaar wel en wee van de RLG!

Rest ons nog de organisatie (Paul, Mariëtte, Paul en Constance) te bedanken voor de hartelijke ontvangst en het magistrale BBQ-buffet!

Paul valt in de prijzen

J. der Kinderenprijs uitgereikt aan Paul Colenbrander

GOUDA (van onze verslaggever) – Op zaterdag 1 april vertrokken drie Redlightgroupleden in alle vroegte carpoolsgewijs vanuit Wilp naar het verre Gouda. Gouda?? Jawel! Want in dit afgelegen oord hield de Vereniging Werkgroep Astrofotografie zijn halfjaarlijkse bijeenkomst. De bovengenoemde drie zijn namelijk ook lid van déze club. Maar dat was niet de enige reden…

Bijeenkomsten van de Vereniging Werkgroep Astrofotografie staan zoals altijd garant voor een gezellig weerzien met tal van vakgenoten, pakkende voordrachten boordevol tips en fotoresultaten, het neuzen tussen nieuwtjes en aanbiedingen van astrodealers en niet te vergeten een rijke koffie- c.q. lunchtafel.

Maar de belangrijkste reden om naar Gouda af te reizen was de toekenning van de jaarlijkse J. der Kinderenprijs aan één van ons! Deze prestigieuze prijs was ooit door de vereniging in het leven geroepen als aanmoedigingsprijs voor aanstormend jong talent (what’s in a name), maar heeft zich in de loop der tijd ontwikkeld tot een oeuvreprijs. De zeldzame eer van deze ‘Oscar van de Astrofotografie’ viel dit jaar toe aan ons Redlightgrouplid Paul Colenbrander.

Uw verslaggever zelf heeft het overigens nooit verder geschopt dan een stokoude nominatie, die op lichtzinnige wijze werd verspeeld onder meer door het niet op tijd betalen van de contributie.*

Maar terug naar de prijswinnaar: na mijn door Bert van Dijk ingefluisterde spontane nominatie was er geen twijfel meer mogelijk over wie de eer zou toevallen. Al zolang de Red Light Group bestaat is Paul enthousiast in de weer zijn deep-skyfoto’s te verbeteren en spaart daarvoor kosten noch moeite. Minstens twee tuinobservatoria heeft hij inmiddels eigenhandig opgebouwd. Zijn instrumentarium kan de vergelijking doorstaan met een modale volkssterrenwacht. Met name zijn deepskyfoto’s vanaf zijn jaarlijks gefrequenteerde La Palma spreken tot de verbeelding. Dat laatste bleek duidelijk uit Pauls pakkende presentatie; dit vulkanische astronomie- en natuureiland kon zich geen betere reclame wensen!

Onze heen- en terugreis van en naar Gouda leverde nogmaals Pauls gelijk op inzake La Palma: de hele dag bleef het oude wijven regenen. Dit weer bracht ons één troost: de hele onderneming heeft ons geen minuut waarneemtijd gekost.

Zie ook Vereniging Werkgroep Astrofotografie, waar de gehele bijeenkomst is terug te kijken.

*Astrobulletin maart 2002, p. 40.

Volgende pagina »